Bron: NRC
Handelsblad, vrijdag 7 augustus 2009.
Zonder de wind gaat het niet lukken
Over ruim tien
jaar moet eenvijfde van alle energie duurzaam zijn. Dat is één
van de doelen van het kabinet. Gaat dat lukken? „Er is ook een
culturele verandering nodig.”
Door onze
redacteur
MICHèLE DE WAARD
Enschede, 7
aug.
Het waait over de vloer, zei zijn vrouw al
jaren. Maar haar man, een echte doe-het-zelver, kwam er niet
toe de vloer van hun oude huis te isoleren. „Onder de vloer is
niet mijn hobby”, zegt Siegfried Jansen uit Enschede. Maar toen
de gemeente bewoners onlangs voorstelde een energiescan te
laten uitvoeren, hoefde hij niet lang na te denken.
„We doen het”, zegt Jansen in zijn vooroorlogse
woning aan de Hengelosestraat. Het energiebedrijf Geas
Energiewacht heeft de energiescan inmiddels verricht. Niet
alleen de vloer wil Jansen met folie laten behandelen. Ook de
spouwmuren worden geïsoleerd met schapenwol. En de enkele ramen
in huis worden vervangen door dubbel glas. Zodra het huis is
geïsoleerd, krijgt het een energielabel en is het meer waard.
De subsidie van de regering heeft Jansen over de streep
getrokken. En de gemeente Enschede stelt leningen voor
energiebesparing tegen een gunstige rente ter
beschikking.
De subsidie voor energiebesparing in woningen en
andere gebouwen maakt deel uit van het overheidspakket met
crisismaatregelen om de recessie te bestrijden. Een slordige 2
miljard heeft het Rijk extra uitgetrokken voor investeringen in
duurzame energie (wind, zon, biomassa, waterkracht).
Het kabinet is ambitieus op het gebied van
groene energie en energiebesparing. De doelstellingen zijn
hoger dan de Europese. Om de afhankelijkheid van olie en gas te
verminderen, moet het aandeel duurzame energie in 2020 stijgen
naar 20 procent. Jaarlijks moet gemiddeld 2 procent energie
worden bespaard. En de uitstoot van broeikasgassen moet in 2020
met 30 procent omlaag vergeleken met 1990, liefst in Europees
verband.
Het kabinet is tevreden met de vorderingen. Dat
blijkt uit de balans van het eigen beleid, die in mei op
Verantwoordingsdag bekend werd gemaakt. Er is „substantiële
voortgang” geboekt op het gebied van duurzame energie en
energiebesparing, schrijft het kabinet, dat zelf verwacht de
doelen voor 2011 te halen. Al kreeg het programma ‘Schoon en
zuinig’ toch een negatieve aantekening, omdat het aandeel
biobrandstof in het wegverkeer niet werd
gehaald.
Hoewel het aandeel groene energie het afgelopen
jaar is gestegen, hoort Nederland tot de achterblijvers in
Europa. Het is zelfs een van de minst presterende landen van de
Europese Unie, constateerde het internationale adviesbureau
PricewaterhouseCoopers eerder dit jaar in het rapport
Crisis or not, renewable energy is
hot.
Nederland produceert krap 3 procent
duurzame energie. De energievoorziening is nog steeds vrijwel
geheel afhankelijk van olie en gas. Tegenover landen als
Zweden, Finland, Oostenrijk en Portugal steekt Nederland schril
af. Deels komt dit door de natuurlijke omstandigheden in deze
landen, waar veel waterkracht voorradig is.
„We mogen achteraan hobbelen, maar Nederland is
wel bezig met een flinke inhaalslag”, zegt Diederik Samsom,
Tweede Kamerlid voor coalitiepartij PvdA. Het afgelopen jaar is
het aandeel duurzame energie met 25 procent gestegen tot 3,4
procent. De achterstand komt doordat Nederland pas laat is
begonnen te investeren in duurzame energie. Duitsland zette al
in de jaren negentig met een duurzamestroomwet fors in op de
productie van duurzame energiebronnen. Het land ontketende
daarmee een groene industriële revolutie. Door de grote vraag
naar windmolens, zonnepanelen en warmtepompen is een geheel
nieuwe duurzame industrietak ontstaan. Het aandeel groene
energie is met 8,6 procent ruim het dubbele van dat in
Nederland.
Dat wil minister Maria van der Hoeven
(Economische Zaken, CDA) ook wel. Een grootscheepse Green
New Deal laat nog op zich wachten. Maar ook in Nederland
is ‘groen’ in opmars. Het kabinet heeft de belangrijkste
subsidieregeling (Stimulering Duurzame Energieproductie) in het
aanvullend beleidsakkoord (het crisispakket) fors verhoogd.
Daardoor is dit jaar 2,5 miljard euro extra beschikbaar voor
investeringen in wind op zee. Zuiniger rijden wordt fiscaal
aangemoedigd. Vorige maand is extra subsidie uitgetrokken voor
de schone elektrische auto. Kleinere bedrijven die in
milieuvriendelijke technologie investeren kunnen bij de
minister voor extra geld aankloppen. En vorige week kregen drie
Duitse bedrijven het groene licht om ten noorden van
Schiermonnikoog drie windmolenparken aan te leggen.
Ook willen meer mensen hun eigen huishouden
vergroenen. De subsidieregeling voor zonnepanelen was in april
in één dag vele malen overtekend zodat geloot moest worden.
2.446 particulieren kunnen nu zonnepanelen gaan plaatsen. In
steden zoals Utrecht, Groningen en Enschede zijn bewoners op
wijkniveau actief om met zonne-energie warm water en stroom op
te wekken. Kamerlid Kees Vendrik (GroenLinks) pleit ook voor
subsidie voor miniwindmolens op daken.
Het grote rendement moet van windenergie op zee
komen. Daarom heeft het kabinet besloten de doelstelling van
wind op zee te verdubbelen naar een productiecapaciteit van 950
megawatt. Maar daarmee blijft het kabinet nog altijd
„mijlenver” verwijderd van het aantal windmolens (met een
gezamenlijke capaciteit van 6.000 megawatt) dat nodig is om het
doel voor 2020 te halen, zegt onderzoeker Aad Groenenboom van
PricewaterhouseCoopers.
In heel Europa is het aandeel duurzame energie
met 7 procent nog laag. Om de Europese doelen te behalen, zijn
volgens het adviesbureau de komende tien jaar miljarden extra
investeringen nodig, die gelijk staan aan ruim 1,2 miljoen
extra windmolens en een oppervlakte aan zonnepanelen van
minstens twee keer de oppervlakte van België.
Ook Nederland moet fors meer investeren in
duurzame energie om de doelen te halen, zegt Maarten Hajer,
directeur van het Planbureau voor de Leefomgeving. De overheid
moet het bedrijfsleven royaler en gerichter stimuleren, vindt
hij.
In Nederland gaat de beweging volgens Hajer nu
„absoluut in de goede richting, maar gezien de doelstellingen
staan we pas aan het begin”. Met het huidige tempo stijgt het
aandeel duurzame energie volgens de planbureaudirecteur niet
verder dan tot 5 procent in 2020. Wordt er in plaats van
de voorgenomen 12 miljard zo’n 6 miljard meer
geïnvesteerd, dan is 15 procent haalbaar, heeft het
planbureau berekend in het jongste voortgangsrapport
Realisatie Milieudoelen 2009.
In windtechnologie en bij de productie van
groene elektriciteit is volgens Hajer enorme vooruitgang te
boeken. Zeker als besloten zou worden het hele stedelijke
vervoer op elektrische basis te laten functioneren. Hajer: „Pas
als bedrijven ervan overtuigd raken dat met investeren in
duurzame energie geld te verdienen is, kun je een ecologische
omwenteling realiseren. Er is ook een culturele verandering
nodig. Mensen moeten wel graag in een elektrische auto willen
rijden. Anders maakt de industrie ze niet.”
Hoe lastig het is de groene harten van burgers
te veroveren, blijkt ook in Enschede. Siegfried Jansen wil zijn
oude huis nog wel isoleren om zijn energierekening met 20 tot
30 procent naar beneden te krijgen. Maar zonnepanelen op het
dak gaat hem te ver. „Het is me nog te duur. Je krijgt wel
subsidie, maar de helft van de aanschaf – ruim 3.000 euro –
moet ik zelf bijlappen. En ik verdien het pas over 10 tot 15
jaar terug. Dat is een heleboel geld voor een beetje warm
water. Ik wacht nog even. Over tien jaar is het vast
goedkoper.”
Dankzij
recessie daalt de uitstoot van
broeikasgassen
Het kabinet wil het aandeel duurzame energie
van het binnenlandse energieverbruik verhogen tot 20 procent in
2020. Tussen 2011 en 2020 moet jaarlijks gemiddeld 2 procent
energie worden bespaard. In 2020 moet de uitstoot van
broeikasgassen (zoals CO2, CH4 en N2O) met 30 procent onder het
niveau van 1990 zijn gedaald.
Het verbruik van duurzame energie is
gestegen van 2,9 procent in 2007 naar 3,4 procent in 2008
(voorlopige cijfers). Daarvan was 1,1 procent afkomstig van
windmolens. Biomassa (het verbranden van dood plantmateriaal en
hout; biobrandstoffen in verkeer) is met 2,2 procent de
belangrijkste duurzame energiebron. Energiebesparing bedraagt
momenteel minder dan 1 procent per jaar. In 2007 was de
uitstoot van broeikasgassen ruim 2 procent lager dan in 1990.
Mede door de recessie daalt de uitstoot van broeikasgassen met
5 tot 10 procent tussen 2007 en 2010.
|